Mediawijsheid
dinsdag, 15 juni 2010
De kinderen die nu naar school gaan, zijn opgegroeid met media en gebruiken bijna dagelijks een (spel)computer. Deze generaties worden ook wel Digital Natives genoemd. De kinderen voelen zich thuis in een digitale wereld en kunnen er makkelijk hun weg vinden. Zij krijgen van jongs af aan al een aantal eigenschappen aangeleerd waar de generatie die de wereld zonder de computer nog kennen, langer over doet om ze eigen te maken. Deze eigenschappen zorgen er niet voor dat de huidige schoolgaande generatie anders leert, maar wel op welke manier zij met informatie omgaan. De ouders van de kinderen worden Digital Immigrants genoemd, de groep die op latere leeftijd met nieuwe technologie heeft moeten leren werken.
Elf gebieden waarin Digital Natives verschillen van Digital Immigrants:
1. Korte, snelle beweging versus normale snelheid
2. Parallele verwerking versus lineaire verwerking
3. Willekeurige toegang versus lineair denken
4. Beeldend versus tekst
5. Verbonden versus alleen
6. Actief versus passief
7. Resultaat versus geduld
8. Fantasie versus realiteit
9. Spel versus werk
10. Technologie als vriend versus technologie als vijand
11. Houding
De twee groepen zoeken en verwerken informatie op een andere manier. De immigranten zoeken eerder op alfabet terwijl de nieuwe generatie meer associërend zoekt. Een goed voorbeeld hiervan is Wikipedia, waar je makkelijk naar gerelateerde onderwerpen kan doorklikken. Er wordt steeds meer gebruik gemaakt van de nieuwe manier van informatie verwerken en de kinderen van de Sterrenschool zullen deze houding ook sneller aangeleerd krijgen door het veelvuldig gebruik van ICT.
De regering ziet ook in dat media een steeds grotere rol gaat spelen en dat kinderen moeten leren hoe ze met media om moeten gaan. In 2008 kreeg de kwartiermakersgroep bestaande uit vertegenwoordigers van Beeld en Geluid, Kennisnet, de Publieke Omroep, ECP.nl en de Vereniging Openbare Bibliotheken de officiële status van Mediawijsheid Expertise Centrum. Dit centrum houdt zich bezig met welke mediawijsheid bij welke doelgroep hoort. De definitie van mediawijsheid wordt door het Mediawijsheid Expertise Centrum omschreven als “het geheel van kennis, vaardigheden en mentaliteit waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, veranderlijke en fundamenteel gemedialiseerde wereld.” Zij hebben een kaart gemaakt waar op te zien is over welke vaardigheden iedere doelgroep over zou moeten beschikken.
Het belangrijkste verschil van de Sterrenschool met andere basisscholen is dat nieuwe media en ICT een belangrijke rol gaan spelen als onderdeel van het leerproces. Er zijn al veel scholen die gebruik maken van een digitaal leerlingvolgsysteem (LVS) of een elektronische leeromgeving (ELO) om de communicatie tussen leerling en leraar te vergemakkelijken. Ook hebben veel scholen (zowel primair als voortgezet) digiborden en smartboards in de klas hangen. Deze worden echter niet optimaal gebruikt. In veel gevallen is het zo dat alles wat eerst werd opgeschreven op het krijtbord, wordt nu ingetypt. Dit verschil is een vorm van digitalisering, maar het is niet een vorm van digitale educatie of e-learning. Er moet meer interactie in de lessen zitten en de interactie kan heel goed mogelijk gemaakt worden door het gebruik van een digibord.
Docenten zijn enthousiast over het gebruik van het digibord. Lieke Thesingh, lerares bij een basisschool in Amsterdam-Zuid, zegt: “Het inzetten van een digitaal schoolbord in de klas draagt bij aan het vernieuwen en aantrekkelijk maken van het onderwijs. Het motiveert leerlingen enorm en maakt de lessen interactief.” Het interactieve element is een motivator voor leerlingen. De mogelijkheid om meer audio-visueel materiaal te gebruiken, maakt de lessen ook minder saai.
Een digibord kan ook door een leerling alleen gebruikt worden. De mogelijkheid tot directe feedback van de software corrigeert de fouten van het kind en kan extra informatie aanbieden om het kind meer kennis te geven over wat hij fout doet en op welke manier hij het goed kan doen. De aanschaf van een digibord is geen foute keuze wanneer het gaat om digitalisering van het onderwijs, maar met alleen de aanschaf is de digitalisering nog niet rond.
Een andere manier van digitalisering die ook steeds meer wordt gebruikt, zijn educatieve games. Educatieve games, of serious games, hebben ook een sterke motivator om de leerlingen bij de les te houden. Serious games zijn op de eerste plaats een spel en leren pas op de tweede plaats iets aan. De vaardigheid, bijvoorbeeld rekenen, wordt als middel ingezet om verder te komen in het spel. In Amerika is het inzetten van serious games als ondersteuning van het curriculum gebruikelijker dan in Nederland. “Onderzoek in Amerika heeft vorig jaar al aangetoond dat een ruime meerderheid van de leerlingen graag leert in spelvorm. De vaardigheden die in een game opdoen, kunnen ze toepassen in het dagelijks leven. [...] Een goede les zal dezelfde elementen hebben als een goede game”, zegt Olaf Keur. “Actie, uitdaging, problemen oplossen en misschien competitie-element.” Een game zorgt voor intrensieke en extrensieke motivatie. De twee motivators maken leren weer leuk.